Reviews





Wie van muziek houdt, is vrijwel per definitie een kosmopoliet en dus multicultureel ingesteld. Richard Galiano, de Franse accordeonvirtuoos, combineerde tango met jazz zoals Miles Davis flamenco in de jazz integreerde. De band Antimufa brengt een amalgaam van tango’s, milonga’s en folkloristische muziek in een jazzy context. Het Argentijnse bloed is doorgedrongen tot in de haarvaten van het muzikaal organisme dat Antimufa welluidend ten gehore wil brengen. Hun debuut-cd “New ways of Argentinian Music” is goed ontvangen. Presentatrice Vera Vingerhoeds van Radio 6 was lovend over deze band. Wie dol is op smaakvolle, swingende, vurige, melodieuze en spannende muziek, mag niet ontbreken bij dit concert. Natalio Sued (tenorsaxofoon, klarinet en zang) en Guillermo Celano (gitaar) zijn in kleine kring bekend, hoewel ze toch op grote podia stonden zoals die van North Sea Jazz en Jazz Avingnon. Piazolla schiep de tango nuevo en Galinano schiep de musette nouveau en Antimufa dan? De sierlijke, hartverwarmende en sprankelende muziek van Antimufa doet denken aan de muziek van Piazolla met wie wij in Nederland al aardig vertrouwd zijn geraakt. Klarinet en gitaar spelen spannende duetten en de gestreken contrabas misstaat daarbij geenszins. Leve de Latijns-Amerikaanse lyriek! De pathetiek en het meeslepende, vervoerende van deze muziek is meer dan welkom in ons rechtlijnige, vlakke land. Er staat ons een bijzonder concert te wachten van een gezelschap dat een groot publiek verdient.











Concert
The Ambush Party onvoorspelbaar
zaterdag 17 maart 2012, Cantina, Groningen.

Eddy Determeyer. view the article online 


Er is sinds een paar jaar een nieuwe generatie improvisatiemuzikanten opgestaan, dat is wel duidelijk. Nadat free jazz (lees: piepknor) meer dan twee decennia lang naar het verdomhoekje was verbannen, kan ineens alles weer.

In het jongste nummer van het blad Jazzism stelt saxofonist Yedo Gibson dat zijn generatie veel internationaler is gericht dan haar voorgangers: "De generatie uit de jaren zeventig was naar binnen gekeerd, op Nederland gericht."

Dat vraagt om enige relativering. Er waren destijds behoorlijk wat samenwerkingsverbanden met de respectieve scenes in met name Duitsland, Engeland, België en de Verenigde Staten. Plus Suriname en de Antillen. Het grote verschil met nu is, dat de conservatoria meer en meer studenten van buiten Nederland trekken. Die brengen allemaal hun eigen achtergronden in, waardoor boeiende, om niet te zeggen spannende kruisbestuivingen kunnen ontstaan.

The Ambush Party is daar een mooi voorbeeld van. Tenorist Natalio Sued en drummer Marco Baggiani komen uit Argentinië, cellist Harald Austbo heeft een klassieke achtergrond en Oscar Jan Hoogland (toetsen, gitaar en van alles) zit tot over zijn oren in de impro. Dat betekent niet dat er Latin volksmuziek wordt gespeeld, of cellosuites, of dat er uitsluitend gefreakt wordt. Het betekent gewoon, dat ze - puttend uit die rijkgevulde voorraadkasten en goed naar elkaar luisterend - met een muzikaal verhaal komen dat er eerder niet was. Dat lijkt me wél een groot en significant verschil met de eerste generatie van vrije muzikanten. Destijds was iedereen zó euforisch vanwege die pas ontdekte en verworven vrijheid, dat optredens niet zelden uitliepen op dolle toetertirades, waarbij het klinkend resultaat een soort gekwadrateerde optelsom was van alle ooit zo afzonderlijke stemmen.

Een stuk van The Ambush Party start als een melodische vamp, een onschuldige instrumentale opmerking of een ritmische flard en groeit van daaruit. Als een plant, of als een overheidsdienst. Dat kan dan drie minuten in beslag nemen of een kwartier. Gewoon, zolang de spanningsboog reikt. Niets is voorspelbaar. Wat de naam van het eerst gespeelde stuk was, wil een bezoeker weten. "Weten we niet," antwoordt Marcos Baggiani naar waarheid. "Alles is geïmproviseerd. Heb jij misschien een titel?" 'Retrospective', suggereert de bezoeker. Okay, 'Retrospective'. Hoe het volgende nummer moet heten, willen de muzikanten weten. 'Volkswagen', roept een bezoekster. Waarop Austbo prompt stijgende schakelgeluiden uit zijn cello strijkt.

En zo begint de toegift ('Thirteen More') met een kraakdoos die een aria gilt en eindigt ze in een langzaam, breekbaar bluesduet voor cello en gitaar. Wat ook een soort geruststelling is.




---------------------------------------------------------------------------

© Tim Sprangers, Jazz International Rotterdam 2012

Hoewel Natalio Sued tot de grote saxtalenten van Nederland behoort, is hij voor velen onbekend. De geboren Argentijn woont al dik tien jaar in Nederland en begeeft zich in de Amsterdamse improscene, maar kan ook bijzonder fraai een boplijn blazen. Op dit album (drie jaar geleden al opgenomen) laat hij zijn veelzijdigheid horen met het duo Rafael Vanoli (gitaar) en Gerri Jaeger (drums), die samen de postrock freejazz band Knalpot vormen. We horen ritmische speelsheid van Tetzepi, snoeiharde rock en geïmproviseerde soundscapes. Vooral de momenten waar het knalpotduo de textuur neerlegt en Sued zich overgeeft aan intuïtie leiden tot erg mooie interacties. Hierin laat drummer Jaeger zijn klasse blijken. De kettingen die over zijn cymbalen kletteren en de vervreemdende uitwerking van zijn vertragende ritmes of metalachtige riffs: telkens doeltreffend. Kakelvers klinken de (bijeenkomsten van) geluiden op de gehele plaat. Heerlijk bovendien die uithalen op doffe toms, met synchroon gespeeld gitaargeweld van Vanoli, die constant is gedoken in zijn elektronicabak.


Natalio Sued/Rafael Vanoli/Gerri Jaeger: Opositor. Trytone
www.trytone.org


---------------------------------------------------------------------------



Natalio Sued, Rafael Vanoli, Gerri Jaeger – Opositor

door Rudie Kagie, Vrij Nederland



De van oorsprong Argentijnse saxofonist Natalio Sued verkoos het studeren (aan het conservatorium), wonen en werken in Amsterdam boven een positie als avant-gardist in de jazzscene van Buenos Aires. Met de Duits-Franse gitarist Rafael Vanoli en drummer Gerri Jaeger (die in de Oostenrijkse Alpen opgroeide) vormt Sued het internationale trio Opositor. De eenvoud van Argentijnse volksdeuntjes fungeert in de meeste stukken als onderlaag voor de ritmische en harmonische complexiteit van de jazz. Geen muziek voor luisteraars die ongaarne op het verkeerde been worden gezet, maar een aanrader voor de ware liefhebber van het ongebaande pad dat in dit geval naar een volstrekt eigen en als zodanig herkenbare ‘soundscape’ voert. Schrik niet van een ongelikte saxofoonsolo of andere dissonanten. Bij Opositor komt elke melodie vroeg of laat weer op haar pootjes terecht. En als het te gladjes dreigt te worden – Sued is Gato Barbieri niet – dan blaast de maestro er wat relativering doorheen.

---------------------------------------------------------

Neem nou tenorsaxofonist Natalio Sued. De Argentijn heeft een mooi, ouderwets geluid, dat in de langzame melodische stukken (‘Avondwandeling’ bijvoorbeeld, of het zwoele ‘Nachtcafé’) kan klinken als een fluwelen Ben Webster. Maar even zo goed is hij in staat om klankexploraties te verrichten, waardoor zijn saxo- foon soms nauwelijks te onderscheiden is van de cello van Ha- rald Austbǿ, of zelfs klinkt als een stuk elektronica.

http://www.jazzflits.nl/jazzflits